Categorie archief: Overige

Transparantie

Begin 2015 riep minister Schippers het “Jaar van de Transparantie” uit. De periode van maart 2015 tot maart 2016 stond in het teken van transparante  zorg.

Meer en betere informatie voor patiënten over de kwaliteit en de kosten van de zorg, dat is de essentie van het Jaar van de Transparantie “, volgens het Zorginstituut Nederland. Op hun site vind je meer informatie over wat het jaar heeft opgeleverd.

De meeste zorgprofessionals erkennen de waarde van goede en begrijpelijke informatie voor patiënten. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat het publiceren van verschillen tussen instellingen een positief effect heeft op de ‘score’ van instellingen over de gehele linie. Kennelijk stimuleren de cijfers de beste instellingen om het nog beter te doen. En stimuleren ze degenen die gemiddeld scoren of daaronder ook om het beter te doen. Dat op zich is al een reden om open te zijn over de kwaliteit van de geleverde zorg.

Een aandachtspunt is daarbij wel de tijdsinvestering die hoort bij het aanleveren van al deze gegevens. De meeste initiatieven in het “Jaar van de Transparantie” spreken over het belang van ‘informatievastlegging aan de bron’. Dat levert inderdaad de meest betrouwbare gegevens op. In de praktijk betekent dit echter vaak ‘informatievastlegging door de medisch professional’. Die staat immers aan de bron van de gegevens. En die heeft het al erg druk.

Wat een groot verschil zou maken is als we alleen díe gegevens hoeven aan te leveren die daadwerkelijk nuttig zijn voor vergelijking door patiënten of om de kwaliteit van de geleverde zorg te verhogen. Mijn persoonlijke inschatting is dat dat zo’n 25% is van alle indicatoren die we nu moeten bijhouden.

Daarnaast is het mogelijk gegevens te laten verzamelen door een andere ‘bron’, namelijk de patiënt. Bij bijvoorbeeld PROMs (Patient Reported Outcome Measures) is dat exact wat er gebeurt. Een ander voordeel van deze manier van meten is dat het de resultaten (Outcome) van de geleverde zorg meet, terwijl veel van de huidig gevraagde indicatoren gaan over hoe goed procedures worden gevolgd of over het volume van de geleverde zorg. Zaken die slechts indirect iets over de kwaliteit van zorg zeggen.

Wat is uw ervaring met het aanleveren van gegevens? En met het gebruiken ervan? Vergelijkt u de zorg in uw instelling met de zorg daarbuiten? En maken uw patiënten weleens gebruik van deze informatie?

Ik hoor het graag!

Voor betere zorg,
Wil Konings

Share Button

Mondriaans Evolutie

Dit keer een meer filosofisch artikel, dan je van me gewend bent. Hoewel filosofisch, het blijkt ook heel praktisch te zijn.

De inspiratie komt deze keer van de bekende schilder Piet Mondriaan. Mondriaan schilderde dit schilderij, dat Evolutie heet, in het jaar 1911. Het is een drieluik, met steeds dezelfde vrouw. De toestand van de vrouw is elke keer anders en verbeeldt de fases die zij doorloopt in haar ‘spirituele ontwaken’.

Evolutie in het AmsterdamMuseumDe eerste fase (geheel links), is die van de onbewuste, blinde mens.
De tweede fase (geheel rechts), verbeeldt de bewustwording van de mens.
De derde fase (midden), staat voor de verlichte mens.

Mondriaan verbeeldt de verschillen tussen de fases onder meer in de kleuren die steeds lichter worden, de vormen die zich meer oprichten en de ogen die zich openen.

Ik werd door iemand op dit schilderij gewezen en het trof me direct. De helderheid en energie van het schilderij, de parallellen die ik zie in mijn eigen leven, en de parallellen die ik zie in de zorginstellingen waar ik kom. Om te beginnen met mijn eigen leven, ik ben nog lang niet ‘verlicht’, maar wel een eind op weg naar ‘bewustwording’. Ik zie in ieder geval een groot verschil met hoe ik mijn leven een aantal jaar geleden leidde.

Bovendien zette het schilderij me aan het denken over de mensen met wie ik werk. Voor een groot deel ook mensen die zeker in de ‘bewustwording’ zitten, voor een deel misschien al daar voorbij. Wat maakt dat zij uit de eerste, blinde, fase zijn gekomen? En wat maakt dat veel anderen dat nog niet lukt? Is het mogelijk hen te helpen? En hoe zou de wereld eruit zien als iedereen uit de blinde fase weet te komen? Of zelfs verlicht raakt?

Vragen die mij aan het denken zetten.

Mondriaan - PassiebloemEn hoe ik dit praktisch gebruik in mijn werk: door me te realiseren dat we op sommige gebieden allemaal blind zijn, ikzelf ook. Een reden tot bescheidenheid. En door me te realiseren dat iedereen op bepaalde gebieden reeds verlicht is. Een reden om te onderzoeken wat ik van een ander kan leren en hoe ik kan groeien.

En tot slot: aangezien we allemaal dezelfde fases doormaken, hebben we ook veel overeenkomsten. Meer overeenkomsten dan verschillen, veel meer. En dat vind ik een prettige basis om samen ergens aan te werken.

Ik ben benieuwd wat je van dit uitstapje vond. Laat je opmerkingen graag achter in de ruimte hieronder!

Share Button
ProBeter - JohnnyTheBagger

Ja maar, wat kan ik wél doen?

Als er iets nieuws op ons afkomt zijn de meeste mensen, ik zelf helaas ook, er goed in aan te geven waarom dat geen goed idee is en het zeker niet gaat lukken, bijvoorbeeld:

  • Ja, maar daar hebben we geen tijd/geld voor
  • Dat kunnen we helemaal niet
  • Dat hebben we al eens geprobeerd en toen werkte het ook niet
  • Dat vindt mijn leidinggevende niet goed

Er lijken altijd veel redenen te zijn waarom iets niet moet of kan veranderen. En we zijn zeer creatief al die redenen te vinden.

Enige tijd geleden kwam ik echter dit voorbeeld tegen, dat mij in elk geval insprieerde, wellicht jou ook. Het gaat over Johnny, een jongen met het Syndroom van Down, die in een Amersikaanse supermarkt werkt als inpakker bij de kassa. Ogenschijnlijk iemand met weinig invloed en bewegingsruimte die in zijn eentje toch een groot verschil weet te maken:

Het leert mij: Het gaat er niet om wat je taak is, iedereen heeft de ruimte een verandering van wezenlijke invloed te creëren.

Een week na het zien van dit fragment, kwam ik het volgende tegen bij een klant met wie ik nu een aantal maanden werk. Het blijven zetten van kleine stappen is een van de belangrijkste onderdelen daar. Een van de mensen is onder andere verantwoordelijk voor het maken van de telefoonrapportage. Zij vertelde me het volgende:

“In de rapportage zet ik nu ook: Het verwachte aantal inkomende gesprekken voor de komende periode.”

In dit geval was dat een periode van een week, waarbij ze per dag het verwachte aantal gesprekken aangaf. Haar idee hierbij was dat de planners zo steeds beter leerden inschatten hoeveel telefoon er zou komen. En dat effect zag je inderdaad al op gang te komen.

Een onverwacht effect was echter dat de mensen die de telefoongesprekken beantwoordden, meer rust ervaarden. Zij zagen nu vooraf of ze een drukke of rustige dag konden verwachten en op een drukke dag zijn er ook meer mensen beschikbaar om de vragen te beantwoorden. Hierdoor voelden ze zich veel minder overgeleverd aan de inkomende gesprekken en startten ze met een goede verwachting aan hun dag.

En natuurlijk kwam het ook weleens niet uit: Er was drukte voorspeld, maar het bleef rustig, dat werd als extra prettig ervaren. Omgekeerd is natuurlijk minder prettig, maar werd ook geaccepteerd, vooral omdat ze wisten dat de planners ervan leerden en het slechts een incident was.

Splash water dropEen kleine stap levert zo een resultaat voor een grote groep mensen. En stimuleert deze hele afdeling om kleine stappen te blijven zetten.

Ik ben benieuwd: Wanneer heb jij een kleine verandering doorgevoerd? En welke effecten zag je?

 

Voor maximaal resultaat: houd het simpel en fun,

Wil Konings

Share Button

Succesvol ondanks handicap

Het is mei 1983, Lottie en Tracy Parker zijn een pasgetrouwd stel in de Amerikaanse staat South Carolina. Ze zijn erg gelukkig en alles lijkt voorspoedig te lopen, ze verwachten elk moment hun eerste kind.

Rond die tijd was het eerste nieuws dat ouders bij de geboorte hoorden, of de baby een jongen of meisje was. Maar Lottie en Tracy niet. Toen hun baby ter wereld kwam zagen de artsen iets dat ze nog nooit eerder zagen: Het kindje miste beide armen.

Ze vertellen dit tegen de ouders, die met stomheid zijn geslagen: hoe gaat dit kind dingen doen die voor ons heel gewoon zijn, zoals een deur openen of zijn eten opeten? En vooral: hij zal zijn hele leven afhankelijk zijn van anderen… Maar dan kijken ze hun kindje, Richie, in de ogen en verandert alles: Zijn blik betovert hen en hun houding verandert op slag. Dit kind is geweldig en kan alles bereiken, we moeten er alleen nog een manier voor vinden!

Regelmatig kom ik met ProBeter op een plek waar de omstandigheden ook allesbehalve goed zijn. Er zijn soms ontslagrondes geweest, of reorganisaties en toekomstige veranderingen hangen ook al in de lucht. Een veelvoorkomende reactie op al deze bedreigingen is teneergeslagenheid en een afwachtende houding.

Wat erg mooi is, is om een groep dan weer de waarde van het eigen onderdeel te laten zien, bijvoorbeeld het verschil dat een laboratorium kan maken in het leven van veel patiënten. Dat is vaak het keerpunt, het moment waarop ze hun ‘kind’ recht in de ogen kijken en alles anders zien. Dat is het moment waarop ze weer beginnen te dromen, in actie komen en mooie resultaten bereiken, ondanks alle bedreigingen, die er nog steeds zijn.

Voor mij als begeleider zijn dit echt de krenten in de pap en voor het laboratorium is het een verschil van dag en nacht.

En ben je benieuwd hoe het verder is gegaan met Richie? Kijk dan hier naar het verloop van zijn leven en waarom hij zegt: “There’s nothing I can’t do, just things I haven’t done yet”

Ik ben benieuwd of jij wel eens een situatie hebt meegemaakt waarin de omstandigheden ongunstig waren en je toch een mooi resultaat hebt bereikt. Laat het weten in een reactie, en inspireer anderen.

Voor maximaal resultaat: houd het simpel en fun,
Wil Konings

Share Button
ProBeter

Als je werk ineens heel dichtbij komt

Afgelopen week kwam mijn werk ineens heel dichtbij, te dichtbij wat mij betreft. We kregen het bericht dat mijn oma er slecht aan toe is, zij is mijn laatste grootouder. Ze had al een tijdje last van een huidaandoening, waarop de huisarts haar naar een dermatoloog heeft doorverwezen. Daar kon ze op een donderdag terecht en hij constateerde dat het wellicht kanker is. Hij nam een aantal biopten, die inmiddels zijn doorgestuurd naar het pathologisch lab en waar we komende donderdag de uitslag van krijgen. Komende donderdag, dat duurt dus in totaal een week en nu nog een paar dagen.

In ProBeter opdrachten leg ik altijd de nadruk op het gezichtspunt van de patiënt en hoe belangrijk het is daaraan te werken. En nu ervaar ik aan den lijve wat het met je doet als je zo lang moet wachten, want een week onzekerheid is echt lang. Voor mijn oma en voor de hele familie. Dat leidt onder meer tot onbegrip: ik hoor, van familieleden die werken in heel andere sectoren, uitspraken als

“ik begrijp ook echt niet waarom dit een week moet duren hoor, hoe moeilijk kan het zijn deze diagnose te stellen?”

Ik ben nooit in dit specifieke lab geweest, maar wel in andere pathologische laboratoria. Er zijn er die een dergelijke diagnose in 2 tot 3 uur kunnen stellen. Natuurlijk moet het weefsel nog naar het lab getransporteerd worden en de uitslag moet uiteindelijk weer naar de dermatoloog. Laten we zeggen dat dat nog maximaal een dag duurt en vooruit, in het weekend wordt niet gewerkt. Dan zou mijn oma de uitslag toch zeker maandag gehad moeten hebben.

Maar goed, we moeten dus nog even geduld hebben. We hopen op het beste voor mijn oma. Voor mij persoonlijk is deze ervaring nu al een extra drive om een tandje bij te zetten in mijn werk en manieren te vinden om de hefboom van ProBeter verder te vergroten.

Wil Konings

Share Button
ProBeter

De grote kans, die veel ziekenhuizen laten liggen

Er is een grote kans, een opportunity, die veel ziekenhuizen laten liggen. Dat levert hen nu al grote problemen op, problemen die in de toekomst alleen maar zullen groeien.

De oorzaak hiervan ligt in een keuze:

De keuze om te voldoen aan de standaard, of de keuze om excellent te zijn.

En uiteraard is het niet voldoende deze keuze alleen op papier te maken en in een mooie missie/visie te zetten. Je maakt de keuze om excellent te zijn elke dag: in alles wat je doet; in elke beslissing die je neemt; in iedere actie die je uitvoert.

Helaas is de keuze die veel ziekenhuizen dagelijks maken: Het voldoen aan de standaard. Zij werken elke dag heel hard om te voldoen aan alle eisen vanuit de overheid, de Inspectie voor de Gezondheidszorg, de verzekeraars, etc. Het resultaat hiervan?

  • Ze voldoen aan bijna alle gestelde eisen
  • Ze halen een gemiddelde plek op ranglijsten van bijvoorbeeld AD en Elsevier
  • Er is nauwelijks onderhandelingsruimte met verzekeraars
  • Er is veel druk op het personeel
  • Mensen zijn steeds meer tijd kwijt aan administratie, voor veel mensen is dit werk onder hun niveau

En in de toekomst worden de effecten alleen maar groter. Bovendien zal de transparantie in de zorg verder toenemen. Hierdoor krijgen uiteindelijk ook patiënten inzicht in de resultaten van de zorg. Als die slechts voldoen aan de minimum-eisen, zal het ziekenhuis steeds minder patiënten en daarmee steeds minder inkomsten krijgen.

Gelukkig is er ook een oplossing: De keuze voor excellentie.

Zelfs als jouw ziekenhuis er op dit moment (nog) niet voor kiest excellent te zijn, dan nog kun jij hiervoor kiezen en jouw eigen werk / afdeling / specialisatie excellent laten zijn. De resultaten hiervan?

  • Je behaalt alle eisen ruimschoots
  • Op jouw onderdeel scoor je met gemak het maximaal aantal punten in elke ranglijst
  • Verzekeraars sturen hun klanten bij voorkeur naar jou, want er zijn nauwelijks complicaties. Daardoor ontstaat onderhandelingsruimte
  • Jouw personeel werkt steeds slimmer, waardoor de werkdruk daalt
  • Ook administratie gaat slimmer, waardoor mensen hun tijd kunnen besteden aan werk van betekenis

Er zijn sectoren waar de keuze voor excellentie universeel is: In de luchtvaart en in de petrochemie bijvoorbeeld, is streven naar 100% veiligheid. Ook in de sport is excellentie universeel. Een atleet streeft er niet naar zich te kwalificeren voor een toernooi, hij wil het winnen. De motivatie om elke dag te trainen ligt niet in gemiddeld worden, maar in het breken van records, het winnen van goud en de beste zijn van allemaal.

Wat maakt deze mensen anders dan de gemiddelde zorginstelling? Wat drijft hen? Maslow zei: “Een dichter moet dichten”. Hij wordt gemotiveerd door het hoogste niveau in de piramide:

piramide maslow

Vrijwel iedereen die in de zorg werkt, heeft daar ooit voor gekozen vanuit een sterke motivatie mensen te helpen, mensen beter te maken. Deze motivatie zit minimaal op het derde niveau van de piramide: Sociaal contact. En voor een groot deel van deze mensen zat hun motivatie zelfs op het vierde niveau: Waardering en Erkenning. Of zelfs op het vijfde niveau: Zelfontplooiing.

Nu ben ik benieuwd:

Heb jij je oorspronkelijke motivatie nog scherp? En wat motiveert je vandaag de dag?

Deel het hieronder in het commentaarveld en als je denkt dat dit artikel interessant is voor je netwerk, deel dit artikel met hen, zodat nog meer mensen ervan kunnen profiteren.

Voor maximaal resultaat: houd het simpel en fun,

Wil Konings

Share Button
ProBeter

Inspirerend voorbeeld: Buurtzorg

Buurtzorg Nederland hanteert een concept voor verpleging en verzorging aan huis waarbij de cliënt centraal staat. De wijkverpleegkundigen, die werken in
+/- 360 autonome “Buurtzorgteams”, hebben daarbij de volledige bevoegdheid de zorg op een goede manier in te vullen. Het management van de landelijke organisatie die deze teams ondersteunt is te tellen op twee handen. Het effect hiervan is dat de kosten van de zorg en de administratieve lasten laag zijn. Tegelijkertijd zijn de verpleegkundigen erg tevreden omdat hun talenten volop worden benut*. De cliënt, waar het allemaal mee begon, profiteert van de persoonlijke aandacht en tijd die er voor hem is.

Share Button
ProBeter

Inspirerend voorbeeld: Thomashuis

Hans van der Putten, een vader met een gehandicapte zoon, Thomas, was ontevreden over het onderkomen van zijn zoon. Hij was bijvoorbeeld ontevreden over het feit dat er wel tijd was om wekelijks met allerlei functionarissen te vergaderen over Thomas, terwijl er geen tijd was om af en toe met hem te gaan wandelen. Hierop heeft hij in 2001 het eerste Thomashuis opgericht. Dit is een kleinschalige voorziening, waar maximaal 8 volwassenen met een verstandelijke beperking wonen. Het Thomashuis is georganiseerd rond de bewoners en niet rond de zorgverleners. Inmiddels zijn er +/- 90 Thomashuizen in Nederland. De huizen worden doorgaans geleid door een echtpaar dat voorheen werkzaam was in de ‘reguliere gehandicaptenzorg’ en zelf ook in het Thomashuis woont. Resultaat is een huis dat voelt als een thuis én waar zorg goedkoper is dan in een ‘reguliere instelling’.

Share Button